Een groep vissers merkte tijdens een gewone ochtendtocht op zee dat hun net ongewoon zwaar was geworden. Ze dachten een grote vangst te hebben gedaan en begonnen het tuig moeizaam aan boord te hijsen. Hoe groot was hun verbazing toen in plaats van een vis een kleine, robuuste metalen kluis, bedekt met algen en schelpen, op het dek belandde.
De vissers twijfelden lang of ze de vondst zouden openen. Na een korte discussie besloten ze het slot te forceren met het gereedschap dat aan boord was. Toen de deur krakend openging, verstijfden de mannen van verbazing.
In de kluis vonden ze geen visgerei of documenten, zoals ze hadden kunnen vermoeden. Daarin lagen zorgvuldig in meerdere lagen doek gewikkelde voorwerpen van tafelkristal – glazen, kleine vazen en sierlijke schaaltjes. Dankzij de dichte verpakking en het feit dat de kluis waterdicht was gesloten, was het kristal nauwelijks beschadigd; slechts enkele stukken vertoonden kleine afbrokkelingen.
De vissers namen contact op met het lokale nieuws met de vraag om de eigenaar te helpen vinden. Het verhaal verspreidde zich snel en een paar dagen later meldde zich een oudere man. Hij vertelde dat zijn familiehuis jaren geleden was overstroomd tijdens een storm en dat hij alles had verloren, inclusief deze kluis, waarin hij het tafelkristal bewaarde – een familie-erfstuk dat hij van zijn grootmoeder had gekregen.
Uiteindelijk gaven de vissers de vondst plechtig terug aan de eigenaar. De man was zo ontroerd dat hij probeerde hen een royale beloning te geven, maar zij weigerden en vroegen in ruil daarvoor alleen of hij hen op een vissoep wilde trakteren in een plaatselijk eethuis. Het verhaal eindigde met een gezamenlijk diner en de belofte van de vissers om hun nieuwe kennis elk jaar te bezoeken.